Komma Lente 2026

Ds. B. Labee Belijden en beloven. De vragen van Voetius overdacht Ieder jaar staan, vaak rond Pasen of rond Pinksteren, een rij (jonge) mensen voor in de kerk. Daar geven ze tijdens een belijdenisdienst voor God en de gemeente hun ‘jawoord’. In veel gemeenten wordt tijdens deze dienst op de bekende vier vragen van Voetius ‘ja’ geantwoord. Gisbertus Voetius (1589-1676) stelde de vragen op met een reden. Hij leefde nog geen honderd jaar na de start van Reformatie. In de begintijd van de kerk van de Reformatie waren weinig mensen onderwezen in de gereformeerde leer. Hij heeft in de vier vragen op een evenwichtige manier de leer en het leven aandacht gegeven: 1. V erklaart gij dat gij de leer van onze kerk, welke gij geleerd, gehoord en beleden hebt, houdt voor de ware en zaligmakende leer, overeenkomende met de Heilige Schriften? 2. Belooft gij dat gij door Gods genade in de belijdenis van deze zaligmakende leer standvastig zult blijven, en in haar zult leven en sterven? 3. Belooft gij dat gij overeenkomstig deze heilige leer uw leven altijd godvruchtig, eerbaar en onberispelijk zult inrichten, en dat gij uw belijdenis met goede werken zult versieren? 4. Belooft gij dat gij u aan de vermaning, terechtwijzing en kerkelijke tucht wilt onderwerpen en onderworpen zult zijn, indien (wat God verhoede) het mocht gebeuren dat gij u in leer of leven kwaamt te misgaan? In het openbaar wordt belijdenis afgelegd voor het leven. Daarom is bezinning op deze vragen van zo groot belang. Voor alle belijdende leden én voor hen die zich afvragen of zij het volgende seizoen belijdenis willen afleggen. KOMMA 4

RkJQdWJsaXNoZXIy OTA4OQ==