9789033132469

18 Zo is ook de tijd als we getroffen worden door de rouw om een groot verlies. O, wat een nacht als ons eens zo mooie en vreugdevolle huis overvallenwordt door de schaduwvan de dood; als de verderver binnentreedt en een van onze geliefden, aan wie ons hart misschien teveel gehecht is, terneervelt! Dan lijkt het wel of de zon op het midden van de dag plotseling verduisterd wordt en alles donker wordt. ‘Gij hebt vriend en metgezel verre van mij gedaan; mijn bekenden zijn in duisternis’ (Ps. 88:19), is dan de droeve verzuchting van het hart. Zo’n nacht was het voor Jezus’ hart toen Hij het huis te Bethanië verliet om naar het graf van Lazarus te gaan. O, wie heeft het duister en de pijn van zo’n tijd niet doorgemaakt? Wie heeft de schaduwen, de voorboden van naderend onheil, niet zien komen? Als we plaatsnemen in de ziekenkamer en de moeitevolle dag langzaam voorbijgaat en overgaat in de eenzame nacht, waarin we de verderver langzaam zien naderen, als het licht langzaam dooft in de ogen van onze geliefde en de gelaatstrekken meer en meer vervallen tot de dood het uiteindelijk geheel versluiert voor onze ogen.O,wat een nacht van groot verdriet is dit! Maar luister! Niet alles ontviel mij, nog spaarde de Heer’, Mij velen met wie ik in liefde verkeer; Geliefden, wier aanblik ik dankbaar aanschouw, Wier stemmen getuigen van liefde en trouw. Was ’t anders en werd ik door niemand verstaan, Toch vond ik een weg om er veilig te gaan; Al nam de begeerte van ’t gapende graf,

RkJQdWJsaXNoZXIy OTA4OQ==