9789033132476

14 Hij zorgt voor u.’4 God zal voor ons zorgen. Door onze buitensporige bezorgdheid zouden wij Zijn werk uit Zijn handen nemen. Buitensporige bezorgdheid wijst op wantrouwen en verwarring en doet God veel oneer aan. Die buitensporige bezorgdheid doet veel aan Gods voorzienigheid af, alsof Hij in de hemel was en Zich niet bekommerde om wat er gebeurde hier beneden. Het is als met iemand die een klok gemaakt heeft en er niet meer naar omkijkt. Buitengewone bezorgdheid houdt het hart bij belangrijker zaken vandaan. En gewoonlijk, wanneer wij eraan denken hoe wij moeten leven, vergeten wij hoe te sterven. Bekommernis is een geestelijke plaag die verwoest en ontmoedigt. Wij kunnen eerder een mijl toevoegen aan ons verdriet dan een el aan onze lengte toedoen. God spreekt daarover een vloek uit: ‘Zij zullen hun brood met kommer eten, en hun water zullen zij met verbaasdheid drinken, omdat haar land woest zal worden van zijn volheid, vanwege het geweld van al degenen die daarin wonen.’5 Men kan beter vasten dan van zulk brood eten. ‘Weest in geen ding bezorgd, maar laat uw begeerten in alles door bidden en smeken, met dankzegging, bekend worden bij God.’6 Maar wanneer iemand zou zeggen: Ja, Paulus, u spreekt wel tot ons wat u nauwelijks zelf hebt geleerd; hebt u niet geléérd niet al te bezorgd te zijn? In de woorden van de tekst schijnt de apostel hierop impliciet te reageren met de woorden: ‘Ik heb geleerd vergenoegd te zijn in hetgeen ik ben.’ Dit gezegde is het waard in onze harten ingeschreven te zijn, en in grote letters geschreven te worden op de kronen en 4 1 Petr. 5:7 5 Ezech. 12:19 6 Filipp. 4:6

RkJQdWJsaXNoZXIy OTA4OQ==